Het effect van voedingsstoffensynergie op menselijke
osteosarcoomcellen U-2OS
M. Waheed Roomi, Vadim Ivanov, Matthias Rath en Aleksandra Niedzwiecki
Matthias Rath, Inc., R&D, Cancer Division,
Santa Clara, CA 95050
Titel: Het antitumoreffect van voedingsstoffensynergie
op osteosarcoomcellen
Trefwoorden: osteosarcoom, MMP, voedingsstoffensynergie, antitumoreffect
Corresponderende auteur - Aleksandra Niedzwiecki,
Ph.D.
1260 Memorex Drive
Santa Clara, CA, 94050 USA
Telefoon - (+1)408-567-5564
Fax - (+1)408-986-9403
E-mail - a.niedz@drrath.com
Uittreksel
Inleiding:
De huidige behandeling van osteosarcoom, een
primaire kwaadaardige tumor in botten of zachte delen die voortvloeit
uit botvormende mesenchymale cellen, leidt tot een slechte prognose,
met name vanwege de verhoogde kans op het ontstaan van andere kankers
als gevolg van chemotherapie. Om deze reden zijn er nieuwe behandelingsstrategieën nodig die effectief zijn zonder toxische
bijwerkingen. Recente in vitro-onderzoeken die in ons laboratorium zijn uitgevoerd
hebben aangetoond dat voedingsstoffensynergie (VS), een unieke formule op basis
van lysine, proline, arginine, ascorbinezuur en epigallocatechinegallaat,
een chemopreventief effect heeft op verschillende typen kanker. VS liet een
potentiële synergetische antikankerwerking zien door matrixmetalloproteïnases
te remmen. Deze enzymen spelen een belangrijke rol bij invasie en metastase.
Doelstelling:
We onderzochten het effect van voedingsstoffensynergie
op menselijke osteosarcoomcellen U-2OS door het meten van: de cytotoxiciteit,
modulatie van matrixmetalloproteïnases
(MMP's): MMP-2 en MMP-9 en het invasiepotentieel.
Methoden en hulpmiddelen:
Menselijke osteosarcoomcellen U-2 Os werden
in McCoy-medium gekweekt en aangevuld met 10% foetaal bovien serum
en antibiotica op microtiterplaten met 24 containers. Nabij het
confluentiepunt werden de cellen behandeld met voedingsstoffensynergie,
bij elke dosis 0, 10, 50, 100, 500 en 1,000µg/ml in drievoud. De cytotoxiciteit
werd beoordeeld door middel van het celaantal dat na 24 uur in een MTT-test
werd gemeten. De MMP-expressie werd beoordeeld door middel van gelatinase-zymografie
in conditiemedia en de invasie door middel van Matrigel.
Resultaten:
Voedingsstoffensynergie was niet giftig bij een dosis
van 10µg/ml en liet een
dosis-effectgiftigheid van maximaal 60% boven de controle op 1000µg/ml.
Zymografie wees een dosisonafhankelijke remming uit van MMP-2- en MMP-9-expressie
door voedingsstoffensynergie. Bij een concentratie van 500µg/ml was er sprake
van een vrijwel volledige remming. De invasie van osteosarcoomcellen door Matrigel
bleek significant verminderd bij een dosis van 50µg/ml (74%) en volledig
geremd bij een concentratie van 100µg/ml.
Conclusie:
Onze resultaten duiden erop dat voedingsstoffensynergie
een uitstekende kandidaat
is voor therapeutisch gebruik bij de behandeling van osteosarcoom vanwege
het remmend effect op de MMP-expressie, angiogenese en invasie. Dit zijn
stuk voor stuk veelbelovende parameters voor kankerpreventie.
Introductie
Osteosarcoom, een belangrijke kwaadaardige tumor van botten of
zachte delen die voortvloeit uit botvormende mesenchymale cellen,
ontwikkelt zich gewoonlijk in de distale femur, proximale tibia,
de proximale humerus en de distale radius. Klassiek osteosarcoom
laat een agressieve, snelle groei zien met een hoog risico op lokale, "overspringende" metastasen
en vroege pulmonale metastase. Het is de meest voorkomende vorm
van botkanker en de op vijf na meest voorkomende kanker bij kinderen.
Deze kanker ontstaat doorgaans bij adolescenten die een groeispurt
doormaken en komt vaker voor bij mannelijke dan vrouwelijke patiënten.
De meeste osteosarcomen zijn het gevolg van niet-erfelijke fouten
in het DNA of de groeibotcellen. Omdat deze fouten op willekeurige
en onvoorspelbare wijze optreden tijdens intense botgroei is er
momenteel geen effectieve behandeling bekend om dit type kanker
te voorkomen (1).
Huidige behandelingen van osteosarcoom zijn operatieve ingrepen
(amputatie of een ledemaatreddende operatie) en chemotherapie.
Deze behandelingen worden uitgevoerd als er sprake is van een slechte
prognose, voornamelijk als gevolg van het sterk invasieve karakter
van deze kanker, de verhoogde kans op metastase en de ontwikkeling
van andere kankers die met chemotherapie gepaard gaan. Een voorbeeld:
van 31 onderzochte patiënten met een lokaal osteosarcoom (2)
die werden behandeld met conventionele chemotherapie (hoge doses
methotrexaat en leucovarineredding bij 3 patiënten en intra-arteriële
cisplatine bij 28 patiënten) bij het Anderson Cancer Center
kwam er bij 3 patiënten geen lokale pulmonale metastase terug
tijdens de volgperiode van 225+ maanden. Bijwerkingen van chemotherapie
zijn onder andere: bloedarmoede, abnormale bloedingen, een verhoogde
kans op infectie als gevolg van de vernietiging van beenmerg, schade
aan de lever en nieren, een onregelmatige menstruatie, blaasontsteking
en bloed in de urine, huid- en hartproblemen en gehoorverlies.
Bij ongeveer 20% van alle kinderen bij wie de diagnose van osteosarcoom
is gesteld is sprake van een geavanceerd stadium van osteosarcoom,
osteosarcoom dat naar de longen, hersenen en andere botten is gemetastaseerd
(1).
Een van de belangrijkste mechanismen voor de verspreiding van
kankercellen en hun metastase in het menselijk lichaam is de vernietiging
van enzymen van het omringende bindweefsel. Behandelingsmethoden
op basis van specifieke geneesmiddelen zijn niet effectief gebleken
voor het beheersen van dit proces. Momenteel zijn er geen middelen
beschikbaar die de metastase van kanker kunnen beheersen. Decennia
lang werd osteosarcoom standaard behandeld door middel van operatie
en chemotherapie. Deze zijn op de vernietiging van kankercellen
gericht en doen niets aan de metastase. Bestraling en chemotherapie
zijn niet alleen ineffectief gebleken qua genezing, maar vallen
daarnaast zonder enig onderscheid alle cellen aan. Hierdoor ontstaat
celschade en wordt het bindweefsel van het lichaam vernietigd.
Uiteindelijk werkt dit de metastase van kanker in de hand. Het
is duidelijk dat er veilige en effectieve natuurlijke behandelingen
nodig zijn voor het beheersen van het kankermetastaseproces.
Alle typen kankercellen vormen tumoren en verspreiden zich door
het lichaam door de extracellulaire matrix (ECM) te degraderen
door middel van verschillende matrixmetalloproteïnases (MMP's).
De werking van deze enzymen verhoogt de agressiviteit van de tumorgroei
en het invasieve karakter van de kanker. In 1992 stelden Rath en
Pauling (3) dat bouwstoffen zoals lysine en ascorbinezuur konden
fungeren als natuurlijke inhibitoren van ECM-proteolyse en daarom
het potentieel hebben om de groei en expansie van tumors te moduleren.
Deze voedingsstoffen kunnen hun antitumorwerking uitoefenen door
middel van verschillende mechanismen, onder andere door MMP's te
remmen en het bindweefsel rondom kankercellen te versterken (tumorinkapselend
effect). In een eerder onderzoek toonden wij het antiproliferatiepotentieel
aan van lysine, ascorbinezuur, proline en epigallocatechinegallaat
(ECGC) op borstkanker (MDA-MB 231), dikke darmkanker (HCT 116)
en melanoom (A2058)-cellijnen(4) bij mensen. voedingsstoffensynergie
bleek
daarnaast de groei van deze tumoren zonder enige nadelige bijwerkingen
te onderdrukken bij naakte muizen. Voor het huidige onderzoek onderzochten
wij het antitumorpotentieel van voedingsstoffensynergie
in vitro in relatie
tot de menselijke osteosarcoom U-2 OS-cellijn.
Doelstelling:
We onderzochten hef effect van voedingsstoffensynergie
op menselijke
osteosarcoomcellen U-2OS door het meten van: de cytotoxiciteit,
modulatie van matrixmetalloproteïnases (MMP's): MMP-2 en MMP-9
en het invasiepotentieel.
Methoden en hulpmiddelen:
Celcultuur
Menselijke osteosarcoomcellen U -2 OS werden
verkregen van het ATCC (American Type Culture Collection, Rockville,
MD) en gekweekt in McCoy-medium aangevuld met 10% foetal bovien
serum, penicilline (100 U/ml) en streptomycine (100 mg/ml) in microtiterplaten
met 24 containers (Costar, Cambridge, MA). Cellen werden geïncubeerd met 1 ml media bij een temperatuur 37 0 C in een
weefselcultuurincubator gebalanceerd met 95% lucht en 5% C0 2. Nabij het
confluentiepunt werden de cellen behandeld met voedingsstoffensynergie, opgelost
in media en getest bij 0, 10, 100, en 1000µg/ml in drievoud bij elke
dosis. De platen werden vervolgens naar de incubator teruggebracht. Na 24
uur werd de cytotoxiciteit beoordeeld met behulp van testreagentia.
MTT-test
De levensduur/cytotoxiciteit werd beoordeeld
op basis van de celproliferatie door middel van de MTT-test, zowel
in serumvrije media en media aangevuld met 10% FBS. Seriumvrije
media uit cellen werden opgeslagen en op MMP's getest. De cellen
in de platen werden overgoten met fosfaat-gebufferd zout (PBS)
en aan elke container werd 500µl MTT (Sigma #M-2128) 5mg/ml PBS toegevoegd.
De microtiterplaten werden gedurende nog eens 2 uur geïncubeerd bij
een temperatuur van 37 0 C. Het medium werd voorzichtig opgezogen en aan
elke container werd 1 ml DMSO (dimethylsulfoxide) toegevoegd om de afgezette
blauwe formazankristallen op te lossen. De optische dichtheid werd gemeten
op 590n. De OD 550 van DMSO-oplossing in de container werd direct met de
BioSpec 1601, Shimadzu-spectrofotometer bestudeerd. Van de OD 590 van de
DMSO-oplossing in elke container werd aangenomen dat deze verband hield met
het aantal cellen. De OD 590 van de controle (behandeling zonder supplement)
werd op 100% gesteld.
Gelatinase-zymografie
De MMP-expressie in de conditiemedia werd vastgesteld
door middel van gelatinase-zymografie. De gelatinase-zymografie
werd uitgevoerd in 10% polyacrylamidegel (Bio-Rad, Hercules, CA)
bij een aanwezigheid van 0,1% gelatine. Kweekmedium (20µl)
werd geladen en SDS-PAGE werd uitgevoerd met een trisglycine SDS-buffer.
Na elektroforese werden de gels gedurende 30 minuten met 5% Triton X-100
overgoten. Na de spoeling werden de gels 24 uur lang geïncubeerd bij
een temperatuur van 37 0 C in aanwezigheid van 50mM Tris-HCl, 5mM CaCl 2
, 5µM, ZnCl 2 , PH 7,5 en gedurende 30 minuten gekleurd met Coomassie
Blue R 0,5% en vervolgens weer ontkleurd. De proteïnestandaarden werden
gezamenlijk uitgevoerd en de moleculaire gewichten werden ingeschat.
Matrigel-invasieonderzoeken
Invasiestudies werden uitgevoerd met behulp
van Matrigel (Becton Dickinson)-toevoegingen in microtiterplaatjes
met 24 containers. Osteosarcoomcellen gesuspendeerd in media aangevuld
met voedingsstoffen zoals aangegeven in het experimentontwerp werden
gezaaid op het tussenstuk in de container. Op deze manier bevatte
het medium op het tussenstuk en in de container dezelfde voedingsstoffen.
De plaatjes met de tussenstukken werden vervolgens gedurende 24 uur geïncubeerd
in een cultuurincubator gebalanceerd met 95% lucht en 5% C0 2. Na incubatie
werden de media uit de containers verwijderd. De cellen op het bovenoppervlak
van de tussenstukken werden zachtjes weggeschrobt met katoenen staafjes.
De cellen die het Matrigel-membraan hadden gepenetreerd en naar het onderoppervlak
van de Matrigel waren gemigreerd werden gekleurd met Hematoxylin en Eosin
en met het oog geteld onder de microscoop.
Tabel 1 - Samenstelling van voedingsstoffensynergie
Een voorraadoplossing van voedingsstoffensynergie, volgens de onderstaande verhoudingen
geprepareerd, werd opgelost in media zoals aangegeven in het experimentontwerp
voor de behandeling van cellen.
Voedingsstof |
Voorraadoplossing
voedingsstoffensynergie - Totaal gewicht 4,4Gm |
| Vitamine C (als ascorbinezuur en als Mg, Ca,
en palmitaatascorbaat) |
700 mg |
| L-lysine |
1.000 mg |
| L-proline |
750 mg |
| L-arginine |
500 mg |
| N-acetylcysteïne |
200 mg |
Gestandaardiseerd groene-thee-extract
(80% polyfenol) |
1.000 mg |
| Seleen |
30 mg |
| Koper |
2 mg |
| Mangaan |
1 mg |
Statistische analyse
De resultaten werden uitgedrukt als het gemiddelde + SE voor elke groep. De gegevens
werden geanalyseerd door middel van een onafhankelijk t-steekproef.
Resultaten
1. Osteosarcoom cytotoxiciteit/proliferatie-onderzoek
Voedingsstoffensynergie bleek niet cytotoxisch bij
10 µg/ml en liet een dosis-effectgiftigheid
zien met een maximale giftigheid van 60% tijdens de controle bij 1000 µg/ml,
zoals weergegeven in figuur 1. De resultaten waren statistisch gezien relevant
(P < 0,01)
Tabel 2 - Het effect van
voedingsstoffensynergie op de groei van
pancreatische kankercellen (24-uurs MTT-test) |
Behandeling (in drievoud) |
Celproliferatie
uitgedrukt in % controle |
SE |
Controle |
100 |
0 |
10 µg/ml
NS |
94 |
6 |
50 µg/ml
NS |
78 |
6 |
100 µg/ml
NS |
79 |
9 |
500 µg/ml
NS |
33 |
4 |
1000 µg/ml
NS |
38 |
3 |
95% CI, gepaarde t-test: p=0,006 |
Figuur 1 - Het effect van voedingsstoffensynergie
(VS) op de groei van
menselijke osteosarcoomcellen U-2OS (24-uurs MTT-test)

2. Gelatinase-zymografieonderzoek
Zoals weergegeven in figuur 2 wees zymografie
op een expressie van MMP-2 en MMP-9 bij menselijke osteosarcoom
U-2OS-cellen; voedingsstoffensynergie remde de expressie van beide MMP's
op dosisafhankelijke wijze. Bij een concentratie van 500µg/ml
was sprake van vrijwel volledige remming.
Figuur 2 - Het effect van voedingsstoffensynergie
op de MMP-2- en MMP-9-expressie
van osteosarcoomcellen

1-markers, 2-controle, 3-7
voedingsstoffensynergie 10, 50, 100, 500, 1000 µg/ml
3. Invasieonderzoek
De invasie van osteosarcoomcellen door Matrigel
was significant verminderd bij 50µg/ml (74%) en volledig geremd bij een concentratie van 100µg/ml.
Tabel 3 - Het effect van
voedingsstoffensynergie op de invasie
van osteosarcoomcellen |
|
Behandeling |
Invasie uitgedrukt in % controle |
SE |
Controle |
100 |
2 |
10 µg NS |
122 |
17 |
50 µg NS |
26 |
5 |
100 µg NS |
0 |
0 |
95% CI, gepaarde t-test: p=0,034 |
Figuur 3 - Het effect van voedingsstoffensynergie
op de invasie van osteosarcoomcellen

Figuur 4 - Invasieonderzoek: Hematoxyline & en
met eosine gekleurde microfoto's
 |
 |
 |
 |
A: Controle |
B: 10µg/ml NS |
C. 50µg/ml NS |
D. 100µg/ml NS |
Discussie
De resultaten van dit onderzoek toonden een aanzienlijke antiproliferatiewerking
(~60% remming bij 1000 µg/ml) zonder morfologische verandering
en drastische anti-invasieve effecten van voedingsstoffensynergie
in vitro
bij de menselijke osteosarcoomcellijn U-2OS. De invasie van Matrigel
door MMP-2- en MMP-9-expressies van osteosarcoomkankercellen verminderde
op dosisafhankelijke wijze. Bij respectievelijk 100µg/ml
en 500 µg/ml was sprake van een volledige remming van invasie
en MMP-expressie.
Matrixinvasie kan worden beheerst door het remmen van de MMP-expressie
en het verhogen van de kracht en stabiliteit van bindweefsel. Dit
draagt bij aan de "inkapseling" van de tumor. Het onderzoek wees
uit dat het dosisafhankelijk remmingseffect van voedingsstoffensynergie
op de MMP-9- en MMP-2-expressie van osteosarcoomcellen consistent
was met de dosisafhankelijke remming van matrixinvasie. De matrixinvasie
waarschijnlijk eveneens gemoduleerd door de verbetering van de
stabiliteit en kracht van het bindweefsel als tweede factor na
de activiteit van de voedingsstoffen waaruit voedingsstoffensynergie
bestaat.
De optimalisatie van de synthese en structuur van collageenfibrillen
is afhankelijk van de hydroxylatie van hydroxylysineresten in collageenvezels.
Het is algemeen bekend dat ascorbinezuur een essentiële rol
speelt bij de hydroxylatie van deze aminozuren. Ascorbinezuur en
lysine worden niet in het lichaam aangemaakt, zodat er in de verschillende
ziektestadia geen optimale niveaus van deze voedingsstoffen mogelijk
zijn. Ook kan er sprake zijn van een ontoereikend dieet. Hoewel
proline kan worden gesynthetiseerd uit arginine, kan de synthese
en/of hydroxylatie van proline worden beïnvloed in bepaalde
pathologische omstandigheden.
De remmende effecten van de afzonderlijke voedingsstoffen waaruit
voedingsstoffensynergie is opgebouwd blijken zowel uit klinisch als experimenteel
onderzoek. Ascorbinezuur heeft mogelijk een cytotoxisch en antimetastatisch
effect op kwaadaardige cellijnen (5)(6)(7); Daarnaast werden er
lage niveaus ascorbinezuur aangetroffen bij kankerpatiënten
(8) (9) (10). ECGC is een krachtig middel tegen kanker waarvan
is vastgesteld dat het een groeiremmend effect heeft op bepaalde
menselijke kankercellijnen (11,12, 13).
De voedingsstoffen afzonderlijk blijken echter niet dezelfde kracht
te hebben als voedingsstoffensynergie als geheel. Onze vorige onderzoeken
toonden aan dat het synergetische antikankereffect van ascorbinezuur,
proline, lysine en EGCG op verschillende kankercellijnen in weefselcultuuronderzoeken
groter was dan dat van de voedingsstoffen afzonderlijk (14). Bovendien
toonden morfologische onderzoeken aan dat zelfs bij de hoogste
concentraties van voedingsstoffensynergie de osteosarcoomcellen niet werden
beïnvloed, in tegenstelling tot chemotherapie, die zowel zieke
als gezonde cellen en ECM's schaadt. Dit bewijst de celvriendelijkheid
van deze formule.
Conclusies
Onze resultaten wijzen erop dat voedingsstoffensynergie
uitstekend geschikt
is voor therapeutisch gebruik tijdens de behandeling van uiterst
agressieve osteosarcoomkanker als gevolg van de remmende werking
op de celproliferatie, MMP-expressie en invasie.
Literatuurverwijzingen
- Miller R, Dowshen S, en Trigg M, Childhood Cancer: Osteosarcoma
(May 2002) The Nemours Foundation: Kids Health
- Jaffe N, Carrasco H, Raymond K, Ayala A, Eftekhari F (2002).
Can cure in patients with osteosarcoma be achieved exclusively
with chemotherapy and abrogation of surgery? Kanker 10, 2202-10.
- Rath M en Pauling L (1992). Plasmin-induced proteolysis and
the role of apoprotein(a), lysine and synthetic analogs Orthomoleculare
geneeskunde. 7 ,17-23)
- Netke SP, Roomi MW, Ivanov V, Niedzwiecki A, en Rath M (2003).
A specific combination of ascorbic acid, lysine, proline and
epigallocatechin gallate inhibits proliferation and extracellular
matrix invasion of various human cancer cell lines. Research
Communications in Pharmacology and Toxicology
- Koh WS, Lee SJ, Lee H, Park C, Park MH, Kim WS Yoon SS, Park
K, Hong SI, Chung MH, Park CH. (1998) Differential effects and
transport kinetics of ascorbate derivatives in leukemic cell
lines. Anticancer Res 8 , 2487-2493.
- Roomi MW, House D, Eckert-Maksic M, Maksic ZB, Tsao CS(1998).
Growth suppression of malignant leukemia cell line in vitro by
ascorbic acid (vitamin C) and its derivatives. Cancer Letters
122 , 93-99.
- Naidu KA, Karl RC, Naidu KA, Coppola D (2003). Antiproliferative
and proapoptotic effect of ascorbyl stearate in human pancreatic
cancer cells: association with decreased expression of insulin-like
growth factor 1 receptor. Dig Dis Sci 48 (1), 230-7.
- Anthony HM, Schorah CJ (1982). Severe hypovitaminosis C in
lung-cancer patients: The utilization of vitamin C in surgical
repair and lymphocyte related host resistance. Br J Cancer 46
, 354-367
- Nunez C, Ortiz de Apodaca Y, Ruiz A (1995). Ascorbic acid in
the plasma and blood cells of women with breast cancer. The effect
of consumption of food with an elevated content of this vitamin.
Nutr Hosp . 10 , 68-372.
- Kurbacher CM, Wagner U, Kolster B, Andreotti PE, Krebs D, Bruckner
HW (1996). Ascorbic acid (vitamin C) improves the antineoplastic
activity doxorubicin, cisplatin and paclitaxel in human breast
carcinoma cells in vitro. Cancer Lett . 103 (2),183-189.
- Valcic S, Timmerman BN, Alberts DS, Wachter GA, Krutzch M,
Wymer J, Guillen JM (1996). Inhibitory effects of six green tea
catechins and caffeine on the growth of four selected human tumor
cell lines. Anticancer Drugs . 7, 461-468.
- Mukhtar H en Ahmed N (2000). Tea polypheonols: prevention of
cancer and optimizing health. Am J Clin Nutr . 71, 1698S-1720S.
- Yang GY, Liao J, Kim K, Yurkow EJ, Yang CS (1998). Inhibition
of growth and induction of apoptosis in human cancer cell lines
by tea polyphenols. Carcinogenesis. 19, 611-616.
- Netke SP, Roomi MW, Ivanov V, Niedzwieck
A, and Rath M. A specific combination of ascorbic acid, lysine,
proline and epigallocatechin gallate inhibits proliferation and
extracellular matrix invasion of various human cancer cell lines.